Tussen verleden en utopie : de bevrijdende politiek van Angela Davis. Deel 2 : Palestina : zo verweg, en toch dichtbij



Bij elke Israëlische oorlog tegen Gaza komt Palestina, met zijn lijden en verzet, weer in de kijker. Om daarna weer te verdwijnen uit de actualiteit. Op het ritme van de beelden in de media en volgens de politieke agenda van het moment, verschuift onze aandacht naar andere oorlogen en drama’s, die de huidige wereld kenmerken. Palestina wordt dan een thema dat we overlaten aan groepen die beroepshalve of specifiek rond Palestina werken. Dat op de achtergrond verdwijnen van Palestina is niet altijd een kwestie van slechte wil. We weten soms gewoon niet hoe we Palestina een plaats kunnen geven in onze eigen sociale bewegingen. Met als resultaat dat Gaza, de grootste openluchtgevangenis ter wereld, en de apartheidsstaat Israël blijven voor wat ze zijn. Alsof we wachten op een nieuwe uitbarsting, op weer een nieuwe oorlog. Angela Davis ziet het anders.
In de negen hoofdstukken van het boek, met interviews en tussenkomsten in London, Istanbul, Chicago en Saint-Louis, spreekt Angela Davis over vrouwenrechten, politiegeweld, racisme, gevangenissen… Maar bij elk thema, en op welke afstand ook, altijd spreekt Davis over Palestina.
In plaats van Palestina als “een aparte kwestie” of als een “probleem in de marge” te beschouwen, zegt ze, moet “Palestina de centrale kwestie zijn voor alle organisaties en bewegingen, die strijden voor emancipatie overal in de wereld.” (22). 
De keuze voor Palestina als wereldprioriteit baseert ze vooreerst op de ervaring van de mondiale strijd, die de Zuid-Afrikaanse Apartheid ten val bracht. Die val kwam er, zegt ze, dankzij de alliantie tussen bevrijdingsbewegingen (het ANC en de SACP, de communistische partij van Zuid-Afrika), die beschikten over een gewapende arm (Umkhontho we Sizwe), en een internationale solidariteitsbeweging van politieke en economische boycot van de apartheidsstaat (20-21). Haar keuze voor Palestina baseert ze ook op de “symbiose” die er bestaat tussen de strijd tegen de apartheid in Zuid-Afrika, de zwarte bevrijdingsbeweging in de VS en de bevrijdingsstrijd in Palestina. “De zwarte bevrijdingsstrijd in Zuid-Afrika heeft zich ten dele geïnspireerd op de strijd van de zwarte Amerikaanse slaven. En de strijd voor de emancipatie van Afro-Amerikanen in de jaren 60 heeft zich ten dele geïnspireerd op de strijd in Zuid-Afrika… Palestijnse jongeren organiseren Freedom Rides en stappen op de bussen gereserveerd voor Israëliërs en laten zich arresteren, zoals de Amerikaanse Freedom Riders deden in de jaren 60.  ” (139).
BDS, de campagne voor Boycott Divestment and Sanctions tegen de Israëlische bezetter, vond zo in Angela Davis één van haar vurigste pleitbezorgers.    

Intersectionaliteit

Centraal in het politieke denken van Angela Davis staan begrippen als “intersectionaliteit” en “convergentie”. Intersectionaliteit of het kruispunt waarop verschillende elementen elkaar ontmoeten, is een begrip ontwikkeld door radicale zwarte feministen tegen de kleinburgerlijke blanke feministen. De onderdrukking van de zwarte vrouw, stellen zij, kan maar begrepen en bestreden worden door de kruispunten te analyseren waarop ras, klasse, geslacht en seksuele geaardheid samenkomen (125). Ras, klasse, geslacht zijn onafscheidelijk verbonden (31). Intersectionaliteit, convergentie, synthese komt terug in hoe Angela Davis emancipatie en bevrijding ziet als een totaalproces dat zowel de eigen specifieke thema’s als de landsgrenzen overschrijdt. Het gaat erom “ons begrip en onze ervaring van wat vrijheid betekent te ontwikkelen, te verdiepen, meer veelzijdig te maken” (124) en om “te leren denken, ageren en strijden tegen wat ons ideologisch als normaal wordt voorgehouden.”(118) Zo is ze zowel een Afro-Amerikaanse antiraciste als een Palestijnse militante. Een verdedigster van de moslimgemeenschap, die bedreigd wordt door het amalgaam ‘Islam is gelijk aan terrorisme’ (156), tegen “de islamofobie, die een centrale rol speelt in de opkomst van nieuwe vormen van racisme sinds 11 september 2001”(104). Maar ook van de LGBT (Lesbian, Gay, Bisexual, Transgender) gemeenschap, en de transgender vrouwen in het bijzonder (121, 155). Van de Amerikaanse Indianen die (over)leven in reservaten (169). Van de migranten, die in de VS het werk doen dat de zwarten ooit deden (156). Van de mensen zonder papieren (154). Van de gehandicapten (156). Van de mensen, die ziek worden door de kapitalistische voedingsindustrie, en van de mishandelde dieren (157).
Binnen elk van die aparte bewegingen moet het objectief zijn om de convergentie, de synthese met andere strijdbewegingen te realiseren. “Wat wij als verschillende problematieken beschouwen, wordt door de multinationals als één en dezelfde problematiek beschouwd”, zegt ze. (175) 
Zo moeten activisten in de campagne voor de afschaffing van de gevangenissen: “middelen proberen te vinden om iedereen die gemobiliseerd is voor het ontmantelen van het gevangenissysteem ook te doen nadenken over de noodzaak om een einde te maken aan de bezetting van Palestina...” (35). Of voor de sympathisanten van de zwarte bevrijdingsstrijd: “Iedereen die zich identificeert met de Afro-Amerikaanse bevrijdingsstrijd zou zich vandaag met onze broeders en zusters in Palestina moeten identificeren.” (157)

Ferguson en Palestina

Op het eerste gezicht heeft het neerschieten van Michael Brown, een achttienjarige ongewapende zwarte jongeman, door Darren Wilson, een blanke politieman, in Ferguson, nu precies twee jaar geleden, niets te maken met wat in Palestina gebeurt. Toch wel, zegt Angela Davis. Het racistisch politiegeweld in de VS gaat inderdaad terug op een zeer lange geschiedenis vanaf de tijd van de slaven. Maar, zegt ze: wat men vooral moet begrijpen is dat “de huidige (wereld)context absoluut beslissend is om het politiegeweld van vandaag te begrijpen. “ (173) “Als men analyseert hoe het racisme zich versterkt heeft en zich heeft geregenereerd doorheen de theorieën en praktijken van de oorlog tegen het terrorisme, dan is het aan ons om daar te proberen om politieke allianties en transnationale solidariteit te smeden.” (174) 
Het gaat erom de (ver)banden te zoeken. Het gaat erom “een echt kader te scheppen, waarin de gebeurtenissen in Ferguson en Palestina op een globale manier worden geanalyseerd en een gezamenlijke strijd mogelijk maken.” (32)
Als Frank Barat in één van de interviews in het boek wijst op de moeilijkheden om die solidariteit met Palestina waar te maken, klaagt ze niet over de passiviteit en het gebrek aan mobilisatie van het volk. Ze houdt twee dingen voor. We maken het vooreerst vaak veel te moeilijk voor de mensen, alsof ze de hele geschiedenis van Palestina moeten kennen en specialist moeten zijn, om solidair te kunnen zijn. Aan ons om bruggen te maken die toelaten een begrip te krijgen van Palestina, ondermeer door ook ons taalgebruik aan te passen. (35) Twee. Mensen kunnen de indruk hebben dat we hun strijd willen afleiden naar een internationaal thema (35). Dat is niet zo. Het gaat om het leggen van verbanden met Palestina binnen de ervaring van de strijd. Niet erbuiten. Het gaat erom Palestina te doen aansluiten bij de ervaring van onderdrukking van de niet-blanke gemeenschappen in het land, de parallellen en de gelijkenissen bloot te leggen, zodat er een begrip van gemeenschappelijkheid ontstaat (33, 34, 35). In het boek gaat ze in op twee concrete voorbeelden, die dit duidelijk maken : G4S en de militarisering van de politie.

De security company G4S

Enkele jaren geleden lanceerde BDS een campagne voor boycot van de firma G4S voor zijn rol in Palestina. Over G4S schrijft Angela Davis : 
G4S speelt een zeer belangrijke rol in de Israëlische bezetting van Palestina, in het beheer van de gevangenissen en de elektronische uitrusting van de checkpoints. Die firma is de derde grootste privémaatschappij ter wereld. De grootste privéwerkgever op het Afrikaanse continent. GS4 is het leven van de burgers over de hele wereld binnengedrongen. Ze zijn betrokken bij de apartheidsmuur in Palestina, de bescherming van rocksterren, de dood van mensen zonder papieren, de privégevangenissen in Zuid-Afrika en overal in de wereld, de omvorming van sommige scholen in de VS tot ware gevangenissen, de muur aan de grens tussen de VS en Mexico. In Groot-Brittannië (GB) zouden ze zelfs hulpcentra voor slachtoffers van seksueel geweld beheren. Personeel van GS4 heeft Jimmy Mubenga gedood bij zijn uitzetting uit GB naar Angola…De schandalige manier waarop mensen zonder papieren behandeld worden in Groot-Brittannië of de VS moet ons de parallel doen trekken met de manier waarop de Palestijnen illegaal worden verklaard in hun eigen land van hun voorvaders.. GS4 heeft banden gelegd tussen verschillende problematieken, zoals wij dat al veel langer hadden moeten doen” (14, 60-61, 130, 175-176)

De militarisering van de politie

Indien de televisie in plaats van zich te focaliseren op de manifestanten, eerder de beelden van de politie in actie had getoond, dan had men kunnen denken dat Ferguson in Gaza lag. Men zag er hoe de strijd tegen het terrorisme de politie in heel de VS heeft voorzien van militaire uitrusting.”(24) “De traangasgranaten die in Ferguson werden gebruikt (CTS – Combined tactical systems van de Amerikaanse firma Combined Systems ) zijn exact dezelfde als die die tegen de Palestijnen worden ingezet. Palestijnse activisten tweeten naar jongeren in Ferguson hoe ze die gasgranaten moesten aanpakken… We leren vanuit een andere invalshoek de toenemende racistische politiebrutaliteit in de VS bekijken, als we de band zien tussen de militarisering van de politie in de VS en de constante agressies tegen de bevolking in bezet Palestina, in Cisordanië en in het bijzonder in Gaza.”  (174)
De militarisering van de politie gebeurt ten dele met de hulp van Israëlische regering, die sinds 9/11 deelneemt aan de training van de Amerikaanse politie. De chef van de politie van het district Saint-Louis, waarin Ferguson zich bevindt, heeft een anti-terreur opleiding gevolgd in Israël., net als sheriffs, FBI, ontmijners en verantwoordelijken van de politie uit de vier uithoeken van dit land.. (25,173) En het omgekeerde is ook waar : “Israël gebruikt de Amerikaanse gevangenistechnologie niet alleen om de 8000 politieke gevangenen in Palestina te controleren, maar om een hele bevolking te controleren. Die technologieën voor de gevangenissen zijn de materialisering van de Israëlische apartheid.” (130)

(Nota’s bij het nieuwe boek van Angela Davis, deel 2).

Dit artikel werd ook gepubliceerd in de boekenrecensie van DeWereldMorgen

Commentaires

Articles les plus consultés